Vrouwen aan de top: waarom dit nog geen realiteit is in landbouw

11 mei 2026

Hoewel ze stilaan kleiner lijkt te worden, is er nog veel werk aan de winkel om de genderkloof in landbouw te dichten. De oorzaken zijn divers, de oplossingen ook.

Dat de Verenigde Naties 2026 uitriepen tot ‘Internationaal Jaar van de Boerin’ is niet toevallig. Erkenning en gelijke status van vrouwen die werken in de voedselproducerende sector is immers wereldwijd een probleem. Ja, ook in België. We nemen er de cijfers even bij. 

Wereldwijd maken vrouwen zo’n 40% uit van de arbeidskrachten in de landbouw. In Europa is dat ruim 30%. Maar het is niet omdat relatief veel vrouwen in de sector actief zijn, dat ook het aantal vrouwelijke bedrijfsleiders sterk vertegenwoordigd is. Uit Europese cijfers blijkt dat in 2020 amper 15% van de Belgische landbouwbedrijven in handen van een vrouw was. Intussen ligt dat cijfer iets hoger, want we klommen in Vlaanderen naar 21% en in Wallonië naar 16%. Maar toch, een gender gap om u tegen te zeggen. Onze noorderburen doen het trouwens nog slechter, want zij zitten op amper 6%, terwijl het Europese gemiddelde 32% is. Landen als Letland, Litouwen en Polen doen het dan wel weer goed. 

Dat verschil in eigenaarschap heeft een brede waaier aan oorzaken en gevolgen:

Sociaal statuut

In België zitten nog heel wat vrouwen in het statuut van meewerkende echtgenoot. Dat werd opgericht om mensen (vaak vrouwen) die meewerken op het bedrijf maar geen personeelslid of bedrijfsleider zijn, toch wat sociale bescherming en pensioenopbouw te geven. Het systeem is beter dan helemaal geen officiële status, maar heeft ook heel wat nadelen. Wanneer deze generatie op pensioen gaat, zal het systeem van meewerkende echtgenoot verdwijnen, aangezien jongeren vaker kiezen voor een statuut als bedrijfsleider of zelfstandig helper. 

Leeftijd

Net als bij de mannelijke bedrijfsleiders zien we ook bij vrouwen die een landbouwbedrijf leiden een duidelijke vergrijzing. Meer jonge (vrouwelijke) bedrijfsleiders in de landbouw is dus belangrijker dan ooit om de toekomst van de sector te verzekeren. En er is goed nieuws, want het aantal stijgt wel degelijk, alleen niet genoeg om de gemiddelde leeftijd in de landbouw effectief naar beneden te halen. In 2024 kwam bijvoorbeeld de helft van de VLIF-steun aanvragen van jonge boeren van een vrouw. Terwijl algemeen gezien 1 op 5 landbouwbedrijven in Vlaanderen geleid wordt door een vrouw, is dat bij de jonge generatie boerinnen bijna 1 op 4.

Opleiding 

Van de vrouwen die vandaag actief zijn in de landbouw, heeft slechts een klein deel een uitgebreide landbouwopleiding gevolgd. Dat kan ervoor zorgen dat vrouwen zich onzekerder voelen bij het nemen van managementbeslissingen. Hoewel meisjes vandaag steeds vaker al in het middelbaar of bij hogere studies voor een landbouwrichting kiezen, betekent dat niet dat ze ook effectief het familiale bedrijf in handen krijgen. Vaak worden vrouwen gestimuleerd om eerst buitenshuis te gaan werken, om dan later eventueel terug te keren naar de boerderij, al dan niet wanneer er kinderen zijn en dit niet meer te combineren is met hun carrière.

Taakverdeling

Onderzoek toont ook aan dat vrouwen vaker manuele taken uitvoeren op het landbouwbedrijf en zich minder comfortabel voelen bij het hanteren van werktuigen. Ook hier speelt opvoeding een rol, want jongens worden vaker van kleins af aan mee op de tractor genomen dan meisjes. In de taakverdeling zie je dan ook vaak dat vrouwen op een landbouwbedrijf de jonge dieren verzorgen, een korte keten-tak runnen, administratie beheren, het huishouden in goede banen leiden en zoveel meer. Soms zijn dat bewuste keuzes uit interesse en expertise, maar sociale verwachtingen hebben er zeker ook veel mee te maken. 

Sociaal netwerk

Vrouwen zijn nog opvallend ondervertegenwoordigd in organisaties, besturen, werkgroepen en andere vergaderingen waar landbouwers met elkaar in overleg gaan. Dat is jammer, want deze overlegstructuren zorgen voor continue bijscholing en netwerking. En het uitbouwen van een sterk sociaal vangnet is nu net één van de zaken waar vrouwen vaak goed in zijn. Hulporganisaties als Boeren op een Kruispunt zien bijvoorbeeld dat vrouwen vaker signalen oppikken wanneer er problemen zijn en ook sneller de stap zetten naar hulp. 

Dus: hoe zorgen we ervoor dat de gender gap zich sneller gaat sluiten? Die boost geven aan vrouwelijk ondernemerschap in de landbouw vraagt een inspanning van iedereen in dit verhaal. Enkele tips: 

  • Zonen en dochters op dezelfde manier kennis laten maken met de sector en overnamemogelijkheden ongeacht geslacht bespreekbaar maken.
  • Inspirerende voorbeelden van vrouwelijk ondernemerschap delen in media, op beurzen, in talks en zoveel meer.
  • Alert zijn voor (vaak onbewust) discriminerende praktijken en deze aankaarten.
  • Je laten informeren over de gevolgen van bepaalde keuzes op vlak van sociale rechten, vermogensopbouw, bedrijfsontwikkeling, de werking van het gezin, …
  • Ontmoetingen tussen vrouwen (en mannen) binnen en buiten de sector faciliteren.
  • Standaard rolpatronen doorbreken indien ze niet passen bij je interesses of de werking van het bedrijf.
  • Durven kiezen voor je passie en voluit gaan voor de kansen die je krijgt, ongeacht geslacht. 

Om vrouwen in de agrarische sector zichtbaarder te maken en hun straffe projecten een podium te geven, stelt Agribex voor: de Agro Lady of the Year-award! 

Schrijf je nog voor 1 juni in en wordt het gezicht van ondernemende madammen in de Vlaamse of Waalse landbouw.

 

Bronnen:
www.landbouwcijfers.vlaanderen.be
www.VILT.be
Landbouwrapport 2024
www.FAO.BE
Etat de l’Agriculture Wallonne
Onderzoek: How does gender shape the adoption of sustainable agricultural practices? Evidence from Belgium